Tegels die loskomen, hol klinken of barsten: wat is de oorzaak en is het een gebrek?
Binnenvloeren en wanden, badkamer en douche inbegrepen: oorzaken onderscheiden, toleranties en wat u vóór herstel nagaat
Meestal door een samenspel van spanningen in de vloer of wand en een hechting die ze niet aankan: krimp van de dekvloer, temperatuurschommelingen, vocht in de ondergrond, een te klein contactoppervlak of een zwakke dekvloer. Een plaatselijke holle klank kan volgens Buildwise nooit volledig uitgesloten worden en is op zich geen reden tot afkeuring. Klinken meerdere tegels naast elkaar over hun volledige oppervlak hol en zijn de voegen beschadigd, dan wijst dat meestal op verbroken hechting.
Waarom komen tegels los of klinken ze hol?
Volgens Buildwise Infofiche 54 vaak door een samenspel van twee dingen. Er ontstaan spanningen in de vloer of wand, en de hechting tussen tegel, lijm en ondergrond is te zwak om ze op te vangen.
- Krimp. Een cementgebonden dekvloer krimpt, vooral kort na het gieten; die krimp kan oplopen tot meer dan 0,6 mm per meter en zet te vroeg gelegde tegels onder druk. TV 237 (§4.2.1) vraagt bij voorkeur 28 dagen ouderdom.
- Temperatuur. Te snel opgestookte vloerverwarming, zon achter grote ramen en donkere tegels. Loskomen na jaren goed gedrag is vaak zo'n vermoeiingsbreuk.
- Hechting. Te weinig contact tussen tegel en lijm, lijm die de open tijd overschreed, een stoffige of zwakke ondergrond.
Is een holle klank altijd een gebrek?
Nee. Een plaatselijke holle klank is nooit uit te sluiten (Infofiche 83) en wordt waarschijnlijker naarmate de tegels groter zijn. TV 237 (§7.3) vraagt minstens 70 % contact bij mortellijm en 60 % bij traditionele plaatsing, en noemt een holle klank alleen geen reden tot afkeuring, tenzij tegels loskomen of voegen degraderen.
Voor wanden noemt TV 227 (§6.3) een holle klank een algemeen aanvaard verschijnsel, maar over meerdere aaneensluitende tegels verhoogt ze het risico op loskomen, en samen met gescheurde voegen moet ze geweigerd worden. Voor vloeren wijzen volgens Infofiche 83 integraal hol klinkende tegels naast elkaar met beschadigde voegen meestal op verbroken hechting.
Wat vertelt een losgekomen tegel?
Ligt de breuk tussen lijm en tegel, dan wijst dat eerder op contactoppervlak of lijmkeuze; bij tegels die weinig water opnemen, ligt de breuk vaker tegen de tegel. Ligt ze tussen lijm en dekvloer, dan wijst dat meestal op een ondergrond die niet goed voorbereid was, of op vocht. Ligt ze in de dekvloer, dan speelt de ondergrond, al betekent dat volgens Infofiche 54 niet automatisch dat de dekvloer te zwak was: soms waren de spanningen gewoon groter.
- Anhydrietdekvloer. Een niet weggeschuurde bindmiddelhuid blijft aan de lijm kleven. Vocht kost zo'n dekvloer cohesie en kan met cementgebonden lijm expansieve zouten vormen, te zien als witte uitbloeiing in het tussenvlak (Infofiche 58).
- Hechtende dekvloer. Een holle klank kan ook van dieper komen: een hechtende dekvloer die van zijn draagvloer is losgekomen, hoorbaar rond scheuren (Infofiche 87).
Waarom barsten of komen wandtegels los in de douche?
Loskomende en gebarsten wandtegels in een douche zijn volgens Buildwise Infofiche 9 courant en worden ten onrechte als onvermijdelijk aanvaard. Het treft vooral gipsgebonden wanden en houtachtige platen, meestal onderaan de wand of bij het bad of de douchebak. Water dringt door de voegen of langs een kitvoeg die het niet meer houdt, en gips verliest daardoor zijn cohesie. Gips in contact met cementgebonden lijm kan in een vochtige omgeving bovendien een expansief zout vormen; herkenbaar is een tegel die loskomt met een dun laagje gips eraan.
Gips dat rechtstreeks besproeid wordt, hoort volgens die infofiche steeds achter een geschikt dichtingssysteem, en dichtende kitvoegen worden jaarlijks nagekeken. TV 227 (Tabel 17) noemt ook scheuren waar voegen van de ondergrond niet doorlopen in de betegeling.
Welke rol spelen bewegingsvoegen?
TV 237 (§6.5.1) vraagt dat constructievoegen zonder verspringing in de betegeling doorlopen. Op een gewapende niet-hechtende, bijvoorbeeld zwevende, dekvloer horen velden van hoogstens 50 m² of 8 m lang, bij verwarmde vloeren 40 m² of 7 m. Opwelving door krimp van een zwevende dekvloer staat in de schadetabel van TV 237 (Tabel 43).
Wanneer ligt een tegelvloer niet vlak genoeg?
Bij tegels die op een verharde dekvloer gelijmd zijn, geldt zonder andere afspraak de standaardklasse: 4 mm onder de lat van 2 m (TV 237 §7.1.3) en 1,5 mm niveauverschil tussen aangrenzende tegels. De strenge klasse (3 mm en 1 mm) vraagt een zeer vlakke dekvloer en tegels met kleinere afwijkingen dan de productnorm toelaat (Buildwise-artikel 2015/3.12). Bij gewone tegels telt TV 237 (Tabel 42) de gemeten vlakheidsafwijking van de tegel erbij.
Voor de visuele oplevering geldt: natuurlijk licht, vanop minstens 1,5 m, nooit onder strijklicht (Infofiche 19). Een dunne lijmlaag corrigeert een oneffen dekvloer niet. En de tegels zelf mogen volgens de productnorm EN 14411 een vlakheidsafwijking hebben tot 0,5 % van hun diagonaal, met een maximum van 2 mm, voor de courante dichte tegels van 15 cm en groter.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Wat u nagaat |
|---|---|---|
| Holle klank bij enkele losse tegels | Luchtinsluiting, onvolledig contact | Of de zone groeit, of voegen scheuren |
| Aaneengesloten holle zone, brokkelende voegen | Verbroken hechting door krimp, warmte of vocht | Breukvlak, ouderdom en vocht van de dekvloer |
| Tegels die opstaan of uitknikken | Drukspanning door krimp of uitzetting | Rand- en bewegingsvoegen, grootte van de velden |
| Wandtegels los onderaan in de douche | Vocht in gipsgebonden of houtachtige ondergrond | Ondergrond, membraan, staat van de kitvoegen |
| Scheur in één lijn door meerdere tegels | Voeg of scheur in de ondergrond niet overgenomen | Plaats van voegen in dekvloer of wand |
| Tegelrand steekt boven de buurtegel uit | Oneffen dekvloer, tegelafwijking | Meting met lat en wig |
Een herkenbaar verloop
Maanden na de oplevering klinkt een zone tegels boven de vloerverwarming hol en brokkelen voegen. Voor enkele tegels is dat normaal, voor een aaneengesloten zone met beschadigde voegen niet. De oorzaak blijkt pas uit het breukvlak van een weggenomen tegel, het vochtgehalte van de dekvloer en het opstartverslag van de vloerverwarming.
Wat kijkt de tegelzetter vooraf na?
TV 237 (§4.2) legt de eigenschappen van de ondergrond buiten de bevoegdheid van de tegelzetter. Toch moet hij vóór de start, samen met de opdrachtgever, nagaan of de dekvloer droog en vlak genoeg is, geen scheuren vertoont en de voegen correct liggen, en gebreken schriftelijk melden.
Wat kunt u zelf nagaan?
- Klop af met een hard voorwerp en teken de holle zones met datum op een plan. Herhaal na enkele weken: onthechting begint meestal aan de rand van de vloer en bij verdeelvoegen of scheuren, en breidt zich uit naar de naburige tegels (Infofiche 54).
- Fotografeer voegen, randen en scheuren met een meetlat in beeld, bij gewoon daglicht.
- Verzamel de stukken: offerte, technische fiches van tegel en lijm, soort en gietdatum van de dekvloer, en het opstartverslag van de vloerverwarming, die vóór het betegelen volledig opgestart moest zijn (Infofiche 83).
- Bewaar reservetegels en losgekomen tegels, met de lijm eraan.
- Laat nog niets herplaatsen of opbreken. Het breukvlak en de dekvloer zijn het bewijs.
Wanneer helpt een expertise?
Zodra u en de aannemer het niet eens zijn over de oorzaak, en vóór er tegels uitgenomen of herlegd worden. Een tegensprekelijke vaststelling legt de holle zones, de metingen met lat en wig, het breukvlak en het vochtgehalte van de dekvloer vast zoals ze waren.
Een holle klank zegt dat er lucht onder de tegel zit. Het breukvlak toont waar de hechting het begaf, en dat verdwijnt bij het herstel.
ir. Ben Verlinden
Vragen over tegels los of hol: welke oorzaak?
Mag een tegelzetter op een dekvloer leggen die nog niet droog is?
Niet bij een gelijmde plaatsing op een verharde dekvloer. TV 237 (Tabel 35) geeft het maximale vochtgehalte onder keramische tegels, die als dampdicht gelden: 0,5 massaprocent voor een anhydrietgebonden dekvloer en 2,5 procent gemeten met de carbidefles voor een cementgebonden dekvloer. Voor anhydriet laten sommige fabrikanten 1 procent toe (voetnoot bij Tabel 35). Voor een anhydrietdekvloer met vloerverwarming noemt Buildwise Infofiche 83 0,3 procent, tenzij de lijmfabrikant anders voorschrijft. Een meting met de carbidefles vóór het betegelen is daar de regel.
Kan ik met kloppen nagaan of er genoeg lijm onder de tegels zit?
Nee. Kloppen toont waar lucht onder de tegel zit, niet hoeveel contact er is. TV 237 (§7.3) vraagt minstens 70 % contactoppervlak bij plaatsing met mortellijm en 60 % bij traditionele plaatsing, en dat blijkt pas als een tegel wordt weggenomen (zoals in Infofiche 83). Laat een tegel daarom uitnemen terwijl alle betrokkenen erbij zijn.
Kan de aannemer losgekomen tegels gewoon opnieuw verlijmen?
Soms wel. Volgens Buildwise Infofiche 54 volstaat het dikwijls de tegels terug te plaatsen met een performante lijm, als ze proper zijn losgekomen en de ondergrond nog voldoende cohesief is. Een krimpende dekvloer heeft dan het grootste deel van zijn krimp achter de rug. Is vocht de oorzaak, zoals bij een anhydrietdekvloer, dan moet die eerst drogen en moet de vochtbron weg (Infofiche 83). Herplaatsen zonder de oorzaak te kennen, verplaatst het probleem.
Gerelateerd
Bespreek uw dossier
Een eerste gesprek is vrijblijvend. Plan meteen een moment in, of stel uw vraag via het formulier.
Laatst bijgewerkt: